Agenda


 

 

Lees verder...

De statistieken

Vandaag 43
Deze week 724
Deze maand 5559
Sinds 11-2008 1064712

Horen - Ouvir




 

 

 

 

 

 

Infinitief O infinitivo
te horen ouvir
   
Tegenwoordige tijd O presente
ik hoor eu ouço (oiço)
jij hoort tu ouves
hij / zij / het hoort ele / ela ouve
wij horen nós ouvimos
jullie horen vós ouvís
zij horen eles / elas ouvem
   
Verleden tijd O pretérito
Onvoltooid verleden tijd O pretérito imperfeito
ik hoorde eu ouvia
jij hoorde tu ouvias
hij / zij / het hoorde ele / ela ouvia
wij hoorden nós ouvíamos
jullie hoorden vós ouvíeis
zij hoorden eles / elas ouviam
   
Voltooid tegenwoordige tijd O pretérito perfeito composto
ik heb gehoord eu tenho ouvído

 

 

 

 

 

 

 








Citaat van de dag

"Iedere taal geeft een unieke kijk op het leven.
Uma língua diferente é uma visão diferente da vida. "
- Federico Fellini -
(1920-1993)

Advertenties

Ook adverteren op deze pagina?



- Portugees leren - Online
- Leerboeken Portugees
- Vertaalcomputer Portugees