Agenda


 

 

Lees verder...

De statistieken

Vandaag 11
Deze week 1770
Deze maand 4808
Sinds 11-2008 1331071

Horen - Ouvir




 

 

 

 

 

 

Infinitief O infinitivo
te horen ouvir
   
Tegenwoordige tijd O presente
ik hoor eu ouço (oiço)
jij hoort tu ouves
hij / zij / het hoort ele / ela ouve
wij horen nós ouvimos
jullie horen vós ouvís
zij horen eles / elas ouvem
   
Verleden tijd O pretérito
Onvoltooid verleden tijd O pretérito imperfeito
ik hoorde eu ouvia
jij hoorde tu ouvias
hij / zij / het hoorde ele / ela ouvia
wij hoorden nós ouvíamos
jullie hoorden vós ouvíeis
zij hoorden eles / elas ouviam
   
Voltooid tegenwoordige tijd O pretérito perfeito composto
ik heb gehoord eu tenho ouvído

 

 

 

 

 

 

 








Citaat van de dag

"Wat ben ik voor mijzelf? Slechts een gevoel van mij.
Quem sou eu para mim? Só uma sensação minha. "

- Fernando Pessoa -
(1888-1935)

Advertenties

Ook adverteren op deze pagina?